Grondbank Midden-Delfland (2e fase)

In november 2007 is de 1e fase van de grondbank afgerond. LTO Delflands Groen heeft voor de 2e fase een aantal aanbevelingen en voorwaarden geformuleerd om te komen tot de oprichting van een grondbank. Afspraken over beheer, bestuur en financiering moeten in de 2e fase leiden tot oprichting van de Grondbank Midden-Delfland. Volgens het rapport "Quickscan grondmarkt en grondinstrument voor Midden-Delfland"van Onderzoeksinstituut OTB zijn belangrijke succesfactoren voor een beheergrondbank: draagvlak in het gebied, een eenvoudige organisatie, een enthousiast bestuur, continuïteit in de ambtelijke ondersteuning en samenwerking met ervaren partijen. Stichting Promotie Groen Midden-Delfland is de opdrachtgever voor het opstellen van dit rapport.

Het rapport van OTB bevat de volgende conclusies en aanbevelingen: Het is van belang dat het gebied een wettelijke bescherming krijgt of als provinciaal landschap wordt aangemerkt waardoor de invloed van de nabijheid van de stad op de grondprijs zou kunnen afnemen. Een streng ruimtelijke ordeningsbeleid en handhaving hiervan is essentieel voor het slagen van een beheergrondbank. De huidige verwachtingswaarde van de grond zorgt voor een prijsopdrijvend effect. De grondprijs is veel hoger dan je op basis van de agrarische inkomsten zou verwachten. Het inperken van die verwachtingswaarde vormt een belangrijke factor voor het succes van een grondbank. Er wordt volgens het OTB rapport niet verwacht dat hierdoor de prijzen zo sterk zullen dalen dat dit het grondprijsprobleem kan oplossen. De oprichting van een grondbank lijkt de aangewezen weg om verloedering van het landschap tegen te gaan en te zorgen voor behoud van de veehouderij en daarmee van de “koe in de wei” in Midden-Delfland.

Het doel van de grondbank is het behoud van het groene landschap van Midden-Delfland waarbij een belangrijke rol is weggelegd voor de veehouderij. De grondbank moet een bijdrage leveren aan het economisch rendabel exploiteren van agrarische bedrijven en daarmee zorgen voor behoud van het kenmerkende landschap. De grondbank gaat gronden aankopen van boeren die hun bedrijven willen beëindigen maar pas nadat het niet gelukt is om de grond aan actieve agrariërs uit het gebied te verkopen. De grondbank moet zorgen voor financiering van het zogenaamde “pachtgat”. Groenfinanciering kan een belangrijke bijdrage leveren aan verkleining van het “pachtgat”. Publiek-private samenwerking en financiering is gewenst bij de grondbank. Voor de grondbank is een actief gemeentelijk en provinciaal grondbeleid noodzakelijk.

De grondbank moet publiek-privaat worden bestuurd. De uiteindelijke omvang van de grondbank wordt geraamd op 500 tot 1000 ha waarbij de 120 ha die BBL/DLG over heeft van de reconstructie gratis wordt ingebracht in de grondbank. Om de grondbank te realiseren willen betrokkenen van start gaan met een pilotproject. De gewenste organisatie/bestuursvorm moet worden bepaald in overleg met alle betrokkenen en de financiering moet worden vastgesteld en geregeld.

Stichting Promotie Groen Midden-Delfland heeft het conceptrapport "Afronding Fase 2 Onderzoek Beheergrondbank Midden-Delfland" met daarin de resultaten van de 2e fase van het Grondbankonderzoek opgeleverd. De heren Govert van Oord en Peter Arensman zijn de opstellers van dit rapport. Het rapport "Afronding Fase 2 Onderzoek Beheergrondbank Midden-Delfland" is hier te downloaden pdf button825 Kb. Het betreft een conceptversie van het rapport, de definitieve versie moet nog worden opgeleverd.

Januari 2009